E-mail: gemeente@halderberge.nl - Telefoon 14 0165
Bezoekadres: Parklaan 15, 4731 GJ Oudenbosch
Postadres: Postbus 5, 4730 AA Oudenbosch
Website: www.halderberge.nl
Cookies: www.halderberge.nl/cookies
Hierbij bieden wij u de Programmabegroting 2027 en de meerjarenraming 2028 - 2030 aan.
In deze programmabegroting geven wij de beleidskaders en de financiële kaders voor het komende begrotingsjaar aan. Aan de basis voor de Begroting 2027 staan het nieuwe collegewerkprogramma 2026-2030: Groeien met Kwaliteit en de Zomernota 2026.
Verder heeft u bij de vaststelling van de Zomernota 2026 in het onderdeel “Kadernota 2027” de uitgangspunten voor de Begroting 2027 vastgesteld.
De Programmabegroting bestaat uit een beleidsbegroting en een financiële begroting. De beleidsbegroting is onderverdeeld in een programmaplan en paragrafen.
In het programmaplan zijn per programma de speerpunten aangegeven die zijn opgenomen in het collegewerkprogramma 2026-2030: Groeien met Kwaliteit. Vervolgens wordt voor het jaar 2027 aangegeven welke activiteiten ondernomen worden om bij te dragen aan het bereiken van deze speerpunten. De beleidslijnen van een aantal aspecten van het beheersproces treft u aan in de paragrafen.
In de financiële begroting geven wij u een toelichting op de financiële positie van de gemeente in de komende vier jaar.
Op 9 juli 2026 heeft de gemeenteraad de Zomernota 2026, met daarin de Kadernota 2027, vastgesteld. Bij de Zomernota 2026 werd voor de jaren 2027 en 2028 een negatief sluitende begroting verwacht en werd voor de jaren 2029 en 2030 een positief sluitende begroting verwacht.
Na de vaststelling van de Zomernota 2026 is het nieuwe collegewerkprogramma 2026-2030: Groeien met Kwaliteit opgesteld. Daarnaast heeft zich een aantal ontwikkelingen voorgedaan, waardoor de meerjarenraming 2027 - 2030 is gewijzigd ten opzichte van de Zomernota 2026. In de uiteenzetting financiële positie zijn alle mutaties ten opzichte van de Zomernota 2026 toegelicht. Hierbij is ook een aantal onzekerheden uit de Zomernota verder geconcretiseerd. Enkele onderwerpen worden nog verder uitgewerkt en zijn als PM-post opgenomen.
In de voorliggende Programmabegroting 2027 sluiten zowel het begrotingsjaar 2027 als de jaren 2029 en 2030 met een positief saldo. Voor het jaar 2028 resteert nog een negatief saldo.
Samenvattend ontstaat voor de jaren 2027 – 2030 het volgende beeld.
2027: € 259.000 positief
2028: € 450.000 negatief
2029: € 322.000 positief
2030: € 907.000 positief
Uit het overzicht incidentele baten en lasten blijkt dat de begrotingsjaren 2027 en 2028 niet reëel en structureel sluitend zijn. De begrotingsjaren 2029 en 2030 zijn wel reëel en structureel sluitend. Dit betekent dat structurele lasten gedekt worden met structurele baten.
In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing worden de risico’s afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit. Zoals in de Zomernota 2026 is aangegeven, heeft er naast een inventarisatie van nieuwe risico’s ook een herijking van de bestaande risico’s plaatsgevonden.
Het weerstandsvermogen is licht gedaald ten opzichte van de Begroting 2026 maar blijft ruimschoots in de categorie hoog. De ratio van het weerstandsvermogen is voor 2027 berekend op 3,38.
In de paragraaf lokale heffingen wordt uitgebreid ingegaan op de verschillende lokale lasten en de lastendruk voor de inwoners.
De tarieven van de OZB stijgen met het inflatiepercentage van 3,0% per jaar. Bij het opstellen van de OZB verordening voor 2027 vindt nog een correctie plaats voor de waardeontwikkeling.
De afvalstoffenheffing is gebaseerd op het in april 2024 vastgestelde Afvalbeleidsplan 2024-2028.
Er is uitgegaan van 100% kostendekkendheid.
Het tarief voor de afvalstoffenheffing bestaat uit een vast en een variabel deel: het vaste deel is voor iedere belastingplichtige gelijk, het variabele deel van het tarief wordt bepaald door de wijze van aanbieding van het afval, via een container of via inworp in een ondergrondse container, en het volume van de container, 140 of 240 liter.
De tarieven van de afvalstoffenheffing zijn gebaseerd op het gemiddeld aantal van 10 ledigingen per jaar voor een 140-liter container en 12 ledigingen per jaar voor een 240-liter container. Voor het aantal inworpen in een ondergrondse container is uitgegaan van 38.
In het collegewerkprogramma 2026-2030 is opgenomen dat bij een stijging van de tarieven van de afvalstoffenheffing boven het inflatiepercentage, de voorziening afvalstoffenheffing wordt ingezet tot maximaal € 100.000 per jaar.
De rioolheffing is gebaseerd op het in september 2023 vastgestelde Gemeentelijk Waterprogramma
2024 - 2027 (GWP).
Er is uitgegaan van 100% kostendekkendheid.
In 2027 wordt een onttrekking aan de voorziening overschotten riolering gedaan om de stijging van de tarieven van de rioolheffing te beperken. Deze voorziening is in de afgelopen opgebouwd uit overschotten op de rioolheffing en vrijval van de spaarvoorziening en voorziening kapitaallasten, zoals opgenomen in het GWP. Met het inzetten van de voorziening om de tariefstijging te beperken, worden deze middelen teruggegeven aan de inwoners. Voor 2027 wordt een bedrag van € 266.000 onttrokken aan de voorziening.
In het collegewerkprogramma 2026-2030 is opgenomen dat bij een stijging van de tarieven van de rioolheffing boven het inflatiepercentage, de voorziening overschotten riolering wordt ingezet tot maximaal € 250.000 per jaar.
In 2027 stijgen de woonlasten ten opzichte van 2026 met 2,9% voor huishouden met een huurwoning en met 2,9% voor huishoudens met een eigen woning.
Het college biedt de gemeenteraad een sluitende Programmabegroting 2027 aan. Na de vaststelling van de Zomernota 2026 is het nieuwe collegewerkprogramma 2026-2030: Groeien met Kwaliteit opgesteld. Daarnaast heeft zich een aantal ontwikkelingen voorgedaan, waardoor de meerjarenraming 2027 - 2030 is gewijzigd ten opzichte van de Zomernota 2026.
Zowel het begrotingsjaar 2027 als de jaren 2029 en 2030 sluiten met een positief saldo. Voor het jaar 2028 resteert nog een negatief saldo. De ambities uit het nieuwe collegewerkprogramma 2026-2030: Groeien met Kwaliteit zijn financieel vertaald in de begroting en er is voor zover mogelijk rekening gehouden met de stijgende kosten door indexering van lonen en prijzen. Het overzicht incidentele baten en lasten laat zien dat de begrotingsjaren 2029 en 2030 ook reëel en structureel sluitend zijn en het weerstandsvermogen blijft in de categorie hoog.
Het OZB-tarief stijgt enkel met het inflatiepercentage en de tariefstijging van de afvalstoffenheffing en de rioolheffing wordt beperkt door het inzetten van de voorzieningen die in de afgelopen jaren zijn opgebouwd. De stijging van de totale lastendruk voor de inwoners blijft hierdoor in 2027 beperkt tot minder dan 3%.
Burgemeester en Wethouders,
Oudenbosch, 13 oktober 2026