2.1.3 Onroerendezaakbelasting (OZB)

Alle eigenaren van woningen en alle eigenaren en gebruikers van niet-woningen betalen onroerendezaakbelasting. De grondslag van de belasting is de waarde van een woning of niet-woning. Deze waarde wordt elk jaar opnieuw vastgesteld. De aanslagen 2025 zijn naar de waardepeildatum 1 januari 2024 vastgesteld.

Opbrengst OZB 2025

In onderstaand overzicht vindt u een specificatie van de OZB-opbrengsten die in 2025 zijn verantwoord (x € 1.000).

Opbrengst OZB

Primaire begroting 2025

Begroting 2025 incl. wijziging

Realisatie 2025

Verschil

V/N

OZB eigenaren woningen

4.265

4.315

4.316

1

V

OZB eigenaren niet-woningen

2.629

2.764

2.795

32

V

OZB gebruik niet-woningen

1.989

2.180

2.186

6

V

Totaal OZB

8.883

9.258

9.297

39

V

Het is gebruikelijk dat tussen begroting en werkelijkheid verschillen optreden. Bij het opstellen van de begroting wordt zo goed mogelijk rekening gehouden met de factoren die van invloed zijn op de OZB opbrengst, zoals de waarde van de onroerende zaken, verwachte leegstand, verbouwingen en nieuwbouw. Deze zaken kunnen in werkelijkheid anders zijn. U kunt hierbij denken aan een waardeontwikkeling die hoger of lager is dan gemiddeld, verschillen in leegstand, ingediende bezwaren tegen de waarde en vertraging in de bouw of verbouw.

De opbrengst van de OZB was bij de Najaarsnota 2025 al bijgesteld op basis van de halfjaarrapportage 2025 van de BWB. Reden was dat bij het vaststellen van de tarieven voor 2025 bij de niet-woningen uitgegaan was van een verwachte gemiddelde waardestijging van 6% voor woningen en 2,92% voor niet woningen, in werkelijkheid was deze iets hoger.

Top