Toelichting belangrijkste verschillen begroting (incl. wijziging) en realisatie programma Bestuur en burgerzaken
(x € 1.000).

Taakveld

Verschil

V/N

Toelichting

0.1 Bestuur

-720

N

Jaarlijks moet de voorziening voor wethouderspensioenen op peil worden gebracht op basis van de actuariële waarde berekening. Op basis van de berekening per 31-12-2025 is de benodigde storting in de voorziening hoger dan geraamd. Dit wordt met name veroorzaakt door de toekomstige overgang van het Appa-pensioen naar het ABP. De Commissie BBV heeft in december 2025 een uitspraak gedaan over de uitgangspunten voor de voorziening en de overdracht van Appa naar het ABP. Vervolgens heeft het Ministerie van BZK een circulaire gepubliceerd gebaseerd op deze uitspraak. Het resultaat is dat de gemeente een voorziening op basis van grondslagen voor individuele waardeoverdrachten én aanvullend een voorziening voor de overdracht aan het ABP dient aan te houden. De redenering is dat de gemeente tot de overdrachtsdatum naar het ABP individuele waardeoverdracht moet blijven faciliteren. Tegelijkertijd dient de gemeente rekening te houden met opslagen die horen bij een collectieve overdracht naar het ABP.

21

V

De kosten voor regionale samenwerking in De6 verband op het gebied van communicatie en civiel technische opgave zijn lager uitgevallen. Daarnaast er geen kosten gemaakt in het kader van het sociaal domein. Dit geeft een positief saldo van € 21.000.

0.2 Burgerzaken

-67

N

Het totale verschil op het het taakveld Burgerzaken bedraagt circa € 67.000 negatief en is opgebouwd uit diverse posten. Zo zijn de kosten voor de Tweede Kamerverkiezingen in 2026 circa € 14.000 hoger uitgevallen. Er moest worden uitgeweken naar een alternatieve locatie met extra huurkosten tot gevolg. Ook zijn extra opleidingskosten gemaakt voor het nieuwe projectteam en stembureauleden vanwege de nieuwe VOX-telmethode, en is er een pilot uitgevoerd waarbij de stempassen met behulp van een tablet snel en betrouwbaar konden worden gescand. Daarnaast zijn de leges op het product Burgerlijke stand lager uitgevallen. De grootste afwijkingen hebben betrekking op het product Burgerlijke stand en Naturalisaties. De leges op het product Burgerlijke stand zijn circa € 39.000 lager uitgevallen. Bij dit product is een tendens (ook landelijk) ontstaan dat steeds minder betaalde huwelijke en geregistreerde partnerschappen gesloten worden. Ook zijn minder uittreksel Burgelijke stand verkocht in 2025. De leges op Naturalisaties zijn circa € 18.000 lager uitgevallen. In 2025 zijn maar 46 aanvragen gedaan voor naturalisatie tegenover 76 aanvragen in 2024. Dit aantal wisselt per jaar, waarin het ook niet altijd mogelijk is om een tendens aan te geven. Na het ingaan van de Brexit hebben veel Britten een verzoek tot naturalisatie gedaan. De golfbeweging in het aantal inwoners wat een asielstatus heeft en 5 jaar of langer asiel verblijf heeft in Nederland gaat ook op en neer. Vooraf is niet altijd te bepalen wat het aantal vragen gaat worden in een jaar.

Directe personele lasten programma Bestuur en burgerzaken

-44

N

Het totale verschil op de personele lasten 2025 bedraagt € 7.000 positief. Als gevolg van de toerekening van de directe personeelslasten aan de verschillende programma's en taakvelden ontstaan op programmaniveau verschillen ten opzichte van de begroting. Tegenover het nadeel van € 44.000 op het programma Bestuur en burgerzaken staan voordelen op andere programma's. Voor het totaaloverzicht van de personele lasten wordt verwezen naar de paragraaf Bedrijfsvoering.

Overige afwijkingen

-14

N

Totaal

-824

N

Top